Onderhoud van boren, bits en zaagbladen

De meeste slijtage aan boren, bits en zaagbladen komt door warmte. Lees hoe u een botte boor herkent, wat u wel en niet kunt naslijpen en hoe u opbergt.

Boren, bits en zaagbladen gaan niet kapot van gebruik, ze gaan kapot van warmte. De snijkant verliest zijn hardheid ver voordat het materiaal is weggesleten. Houdt u de temperatuur laag, dan haalt u uit hetzelfde gereedschap ongeveer twee keer zoveel gaten of meters zaagsnede.

Dat is meteen de kern van al het onderhoud dat volgt. Koelen, ontlasten, schoonmaken en droog opbergen: het draait er telkens om dat de snijkant koel en scherp blijft. Slijpen is reparatie achteraf. Warmtebeheersing is het echte onderhoud.

Waarom warmte de snijkant sloopt

HSS is snelstaal. Het houdt zijn hardheid vast tot ongeveer 550 tot 600 graden en verliest die daarboven blijvend. U hoeft de boor dus niet roodgloeiend te krijgen om hem te verpesten. De aanloopkleuren verraden wat er is gebeurd: strogeel rond 220 graden, bruin rond 260 graden, blauw rond 300 graden. Een blauwe boorpunt is een boorpunt die te heet is geweest.

Bij hardmetaal (de tip op een hamerboor) ligt de grens hoger, maar daar is het probleem thermische schok. Hardmetaal is hard en bros. Warm draaien en dan plotseling afkoelen geeft haarscheurtjes in de tip, en die breken later uit.

Warmte ontstaat door wrijving, en wrijving komt van een botte snijkant, een te hoog toerental, te weinig aanzet of spanen die niet weg kunnen. Vuistregel: hoe groter de diameter, hoe lager het toerental. Een 3 mm boor mag 2000 toeren maken in staal, een 13 mm boor hoort rond de 400 te zitten.

Hoe herkent u dat gereedschap op is?

Bijna niemand vervangt op tijd. Men duwt harder tot het echt niet meer gaat, en juist dat laatste half uur duwen richt de meeste schade aan aan machine, werkstuk en gebruiker. Let op deze vier signalen.

  • Verkleuring. Blauwe of bruine aanloopkleur bij de snijkant. Bij HSS betekent dat: de hardheid is daar weg. Naslijpen tot voorbij het verkleurde deel, of vervangen.
  • Afgeronde snijkant. Houd de punt tegen het licht. Een scherpe snijkant geeft geen reflectie, hij is een lijn. Ziet u een glimmend bandje langs de snede, dan is de kant afgerond.
  • Het gereedschap vreet niet meer maar wrijft. Een scherpe metaalboor levert krullende spanen. Een botte boor levert poeder, stof en een pieptoon. Bij hout: geen krullen maar gruis, plus schroeiplekken.
  • Meer druk voor hetzelfde resultaat. Dit is het betrouwbaarste signaal. Merkt u dat u leunt waar u eerst alleen begeleidde, dan is het gereedschap op. Meer druk maakt meer warmte, meer warmte maakt het botter. Vanaf dat punt gaat het hard.

Onderhoud per soort gereedschap

Hamerboren voor beton

Hamerboren slijten aan twee plekken: de hardmetalen tip en de spiraal. De spiraal wordt vaak vergeten, terwijl juist daar de meeste warmte vandaan komt. Zit de spiraal vol boormeel, dan kan het gruis niet weg, schuurt het rond in het gat en loopt de boor heet.

  1. Trek de boor tijdens het boren elke 5 tot 10 cm helemaal terug uit het gat. Dat ruimt de spiraal leeg.
  2. Boor niet met hamerslag in tegels of natuursteen. Zet de machine op draaien zonder slag tot u door de harde laag bent.
  3. Klop de boor na gebruik uit en borstel de spiraal schoon. Gestold cementstof haalt u er later niet meer uit.
  4. Laat de boor tussen gaten door even hangen in plaats van hem in water te dompelen. Dompelen geeft scheurtjes in de tip.

Op de categoriepagina met hamerboren met SDS-opname ziet u per serie of het om een 2-snijder of een 4-snijder gaat. Een 4-snijder houdt langer een rond gat en loopt minder snel scheef door een wapeningsstaaf.

Deze hamerboren zijn geschikt voor beton, baksteen en kalkzandsteen:

Metaalboren

Hier valt de meeste winst te halen, want een metaalboor kan zonder koeling in een paar gaten gesloopt zijn. Juist toerental, snijolie en constante aanzet. Aanzetten en weer loslaten laat de boor wrijven in plaats van snijden.

Ruim de spanen op voordat ze zich om de boor wikkelen, want meedraaiende spanen houden de warmte tegen de snijkant aan. Bij diepe gaten boort u in stappen: een halve diameter diep, terug, spanen weg, verder.

Houtboren

Houtboren hebben doorgaans geen koeling nodig, maar wel een schone snijkant. Hars en verbrandingsresten vormen een laag op de snijders, en die laag verhoogt de wrijving. Dat is dezelfde mechaniek als bij zaagbladen.

Maak slangenboren en speedboren schoon met een harsoplosser en een messing borstel, droog ze af en geef ze een dun laagje zuurvrije olie. Let bij speedboren op de centreerpunt: is die afgerond, dan loopt de boor weg en corrigeert u met druk, wat weer warmte geeft.

Schroefbits

Een bit slijt niet geleidelijk, een bit slijt plotseling. Zodra de flanken afronden, slipt hij uit de schroefkop (camout), en bij elke slip gaat er een stukje aandrijfvlak af. Daarna versnelt de schade, ook aan de schroefkoppen.

Vervang een bit op gevoel: zodra hij bij normale druk begint te slippen, is hij op. Bij een standaard PH2 ligt dat vaak rond de 100 tot 150 schroeven. Twee dingen schelen echt: druk in lijn met de schroefas, en de juiste maat. PH is niet PZ, ook al past het er losjes in. Gebruik in een slagschroevendraaier alleen impact-bits.

Hieronder een selectie schroefbits in PH, PZ en Torx, ook in slagvaste uitvoering:

Zaagbladen

Bij zaagbladen is hars de hoofdvijand. Door wrijvingswarmte wordt de hars in het hout vloeibaar en hecht hij samen met zaagsel op het blad. Die laag verhoogt de wrijving, wat weer meer warmte geeft. Een blad met harsaanslag voelt bot terwijl de tanden nog prima zijn.

Reinigen gaat zo. Haal het blad van de machine, leg het plat in een bak, spuit het in met harsverwijderaar of ovenreiniger en laat het 10 tot 15 minuten weken. Borstel met een messing borstel, nooit met staalborstel of schuurpapier, want dat beschadigt de hardmetalen tanden. Spoel af, droog direct af en spuit licht in met kruipolie.

Rafelige zaagsneden en brandplekken wijzen vrijwel altijd op hars of een bot blad, niet op een te trage machine. Zaagbladen voor de multitool en oscillerende machines lopen sneller vol dan cirkelzaagbladen, omdat er minder spaanruimte is.

Diamantboren

Diamantboren worden niet bot, ze worden glad. Als het bindmiddel niet meesleet, komen er geen nieuwe diamantkorrels aan de oppervlakte en gaat het segment poleren. U herkent het aan vonkvorming en aan een boor die wel draait maar niet zakt.

De oplossing is opscherpen, niet vervangen. Boor een paar gaten in kalkzandsteen of een speciale opscherpsteen. Het schurende materiaal vreet het bindmiddel weg en legt verse diamant bloot. Verder geldt: bij natboren niet te veel water, want dan spoelt u de schuurwerking weg en snijdt de boor niet meer. Bij droogboren altijd afzuigen, want het stof isoleert en houdt de warmte vast.

Wat kunt u wel en niet naslijpen?

Gereedschap Naslijpen? Hoe
HSS metaalboor vanaf 5 mm Ja Slijpsteen of slijpmal, punthoek 118 graden voor staal en aluminium, 135 graden voor RVS
HSS metaalboor onder 5 mm Nee, in de praktijk Te klein om symmetrisch te houden, vervangen is goedkoper
Hardmetalen hamerboortip Beperkt Alleen met diamantschijf, oorspronkelijke tiphoek aanhouden, niet op een gewone korundsteen
Houtboor, slangenboor Ja Met de hand, met een fijne vijl of diamantvijl, alleen op de aangegeven snijvlakken
Schroefbit Nee De geharde laag is dun, na slijpen slijt hij nog sneller
Hardmetalen zaagblad Ja, door een slijperij Loont vanaf ongeveer 160 mm diameter, 2 tot 4 keer per blad
Diamantboor of diamantschijf Ja, opscherpen Kalkzandsteen of opscherpsteen, zolang er segment over is

Drie regels bij het slijpen van HSS. Slijp in korte tikken, koel zodra de punt warm aanvoelt en stop voordat er kleur in komt. Houd de twee snijkanten even lang en onder dezelfde hoek, anders boort u te grote gaten. En houd achter de snijkant genoeg vrijloop, anders wrijft de boor in plaats van dat hij snijdt.

Op de pagina met metaalboren in HSS, HSS-G en HSS-Co staat per serie de punthoek vermeld. Slijp die hoek terug zoals hij van de fabriek kwam, dan blijft het boorgedrag voorspelbaar.

Waarom moet u de SDS-opname invetten?

Een SDS-boor zit niet geklemd, hij hangt los in de opname en beweegt bij elke slag een paar millimeter axiaal heen en weer. Dat zijn tienduizenden kleine bewegingen per minuut tussen staal en staal. Zonder vetfilm slijten de vergrendelnokken en de wiggroeven in de machine uit, en dat is een reparatie aan de boorhamer, niet aan de boor.

Hoe u het doet:

  1. Veeg de schacht schoon. Boormeel werkt als schuurpasta, dus vet op vuil is erger dan geen vet.
  2. Breng een dun laagje boorhamervet aan op de groeven van de schacht, niet op de spiraal.
  3. Steek de boor erin en draai hem rond, zodat het vet zich in de opname verdeelt.
  4. Herhaal dit bij elke werkdag waarop u intensief hamert, en in elk geval bij elke nieuwe boor.

Overdrijf niet. Een dikke klodder universeelvet trekt stof aan en vormt een schuurpasta. Een vliesje is genoeg. Maak de opname zelf eens per kwartaal schoon met een doek en vet hem opnieuw licht in.

Koelen en smeren: wat gebruikt u waarvoor?

Snijolie doet twee dingen tegelijk: hij verlaagt de wrijving en hij voert warmte af. De eerste functie is de belangrijkste, want minder wrijving betekent dat de warmte niet eens ontstaat.

  • Staal en gietijzer: snijolie of boorolie. Gietijzer mag ook droog, maar dan wel met afzuiging, want het stof is schurend.
  • RVS: onverdunde snijolie, laag toerental, stevige constante aanzet. RVS hardt na onder wrijving, dus wie te licht drukt maakt het materiaal harder dan de boor.
  • Aluminium: speciale aluminiumolie, spiritus of petroleum. Aluminium plakt anders aan de snijkant.
  • Draadtappen: snijvet of snijpasta, niet dunne olie. Vet blijft op zijn plek in de tapgang zitten.
  • Beton en steen: geen olie. Alleen ruimen en laten afkoelen, of bij diamantboren water.

Water bij metaalboren is een slecht idee, om drie redenen. Water heeft nauwelijks smerende werking, dus de wrijving blijft. Water op een hete HSS-punt geeft plaatselijke afschrikking en microscheurtjes in de snijkant. En water dat achterblijft in het gat en op het gereedschap geeft binnen een dag roest. Alleen bij nat diamantboren is water het juiste middel, want daar spoelt het slijpsel weg en is er geen snijkant om af te schrikken.

Hoe bergt u boren op zonder ze stomper te maken?

Losse boren in een la worden bot zonder dat er één gat mee geboord is. Bij elke keer openen en sluiten rollen ze tegen elkaar aan, en hardmetaal tegen hardmetaal betekent afgebroken hoekjes op de snijkant. Precies daar waar het ertoe doet.

Een koker, cassette of blokhouder houdt elke boor apart. Dat scheelt drie dingen: geen stootschade, minder vocht en u ziet meteen welke maat ontbreekt. Wie op maat zoekt in een bak, pakt bovendien vaak de verkeerde diameter.

Tegen roest: maak metaalboren na gebruik droog en geef ze een vliesje zuurvrije olie als ze langere tijd de kast in gaan. Berg niets op in een onverwarmde schuur zonder ventilatie, want daar condenseert vocht op koud staal. Een zakje silicagel in de cassette helpt meer dan de meeste mensen denken.

Symptoom, oorzaak, actie

Symptoom Waarschijnlijke oorzaak Actie
Blauwe verkleuring op de boorpunt Te hoog toerental of geen koeling Naslijpen tot voorbij de verkleuring, toerental halveren, snijolie gebruiken
Poeder in plaats van spanen bij metaal Botte snijkant of te weinig aanzet Naslijpen of vervangen, vaster aanzetten
Boor loopt weg bij het aanzetten Te lange dwarssnede of asymmetrisch geslepen Voorponsen, dwarssnede uitdunnen, of vervangen
Gat is groter dan de boor Snijkanten niet even lang Opnieuw slijpen met mal, niet uit de hand
Hamerboor zakt niet meer Tip afgerond of spiraal vol gruis Spiraal leegtrekken, tip controleren, bij afgeronde tip vervangen
Hamerboor zit klem in de opname Boormeel in de groeven, geen vet Opname reinigen, schacht dun invetten
Bit slipt uit de schroefkop Flanken afgerond of verkeerd profiel Bit vervangen, PH en PZ niet door elkaar gebruiken
Brandplekken in het hout bij het zagen Harsaanslag of bot blad Blad reinigen met harsverwijderaar, daarna beoordelen op scherpte
Diamantboor draait maar zakt niet, vonken Segment gepolijst Opscherpen in kalkzandsteen of opscherpsteen
Roestvlekken op opgeborgen boren Vocht in de kast of nat opgeborgen Droogwrijven, dun oliën, ventileren, silicagel toevoegen

Wanneer is vervangen goedkoper dan onderhouden?

Onderhoud is niet gratis: uw uur kost geld en een slijpbeurt kost tijd. Reken eerlijk.

  • Metaalboren onder 6 mm: vervangen. Een kwartier slijpen kost meer dan de boor.
  • Metaalboren van 8 mm en dikker: naslijpen, zeker in HSS-Co. Een boor gaat zo drie tot vijf slijpbeurten mee.
  • Hamerboren: naslijpen loont alleen bij grotere diameters, en dan hooguit één keer. Is de tip uitgebroken of de spiraal versleten, dan is het klaar.
  • Schroefbits: altijd vervangen. Koop ze per 10 of 25 stuks, dan is de drempel om er een weg te gooien laag genoeg.
  • Cirkelzaagbladen: laten slijpen vanaf ongeveer 160 mm. Kleinere bladen en goedkope bladen zijn de slijploon niet waard.
  • Diamantboren: opscherpen zolang er segment op zit. Is de segmenthoogte onder de 2 mm, dan vervangen.

De duurste optie is altijd dezelfde: doorwerken met bot gereedschap. Dat kost tijd en werkstuk, het belast de machine en het eindigt vaak in een boor die halverwege afbreekt.

Kort samengevat

  • Warmte is de oorzaak van de meeste slijtage. Lager toerental, constante aanzet en de juiste olie verdubbelen in de praktijk de standtijd.
  • U herkent versleten gereedschap aan verkleuring, een glimmend bandje op de snijkant, poeder in plaats van spanen en meer druk voor hetzelfde resultaat.
  • HSS-boren vanaf 5 mm kunt u naslijpen, hardmetaal alleen met een diamantschijf en op de oorspronkelijke hoek, schroefbits niet.
  • Vet de SDS-schacht dun in bij elke nieuwe boor en bij elke intensieve werkdag. Dat spaart de opname in de machine, niet de boor.
  • Berg boren apart op in een koker of cassette, droog en geventileerd. Losse boren in een la worden bot zonder dat u ze gebruikt.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *